Dood gevonden worden

Er ligt een vogel op spoor 2. Dood. Het was een plotselinge trein, of waarschijnlijker, de bovenleidingsdraad die na een moment van blinde paniek over het hoofd werd gezien. Een schok, een stuiptrekking en dat was het. Nu ligt hij met zijn pootjes op een grijsbetonnen dwarsligger. Zijn kopje ligt tussen de kiezels en de vleugels zijn gespreid. Het einde was abrupt, hij heeft er niets meer van meegekregen. Gelukkig maar.

De reizigers op station Amsterdam-Zuid bekommeren er zich niet om. Ze kijken op hun telefoon of speuren in de verte, ongeduldig wachtend op hun verbinding, de trein naar huis. Op de Zuidas is de dood ver weg: het gonst er van het leven. De jonge werkende klasse zet er de toon. Het is de wereld van pakken, van meetings, follow-ups, elevator-pitches en winstwaarschuwingen. Evenals de dood is ook de natuur ver te zoeken. Duurzaamheid is er vooral een woord dat samenhangt met goede sier en imago. Banken, verzekeraars… hier gaat het om virtuele wereld. Gebakken lucht, weten we sinds de crisis. De échte lucht is ondertussen verstoken van vogels. Vooral vanwege het beton, het kunstlicht en het lawaai van de massa’s treinen, trams en files. Op de Zuidas wil je nog niet dood gevonden worden als vogel.

Dode vogel op spoor 2

Maar deze rare vogel overkwam het. Nu ligt hij daar toch zeker al een paar dagen in zijn openbare graf. De duizenden reizigers laten hem links liggen, gunnen hem geen blik waardig. In de nachtelijke uren, nadat het gerommel van de laatste tram in de verte is weggestorven, trekken de lijkenpikkers hem naar de vergetelheid, tot er alleen een pluizig karkas over is. Een vlek op het beton.

De troost in dit kader wordt geboden door de vooruitgang. De gemeente Amsterdam, Prorail en Rijkswaterstaat bouwen ter hoogte van het station het Zuidasdok: twee tunnels voor de snelweg. Daartussenin een nieuw station met misschien wel een grote overkapping, dat in ieder geval een deel van de bovenleidingen afschermt voor passerend gevogelte. Bovenop de snelwegtunnels komt ruimte voor groen. Groen voor de mensen van de Zuidas, die dan tijdens hun lunchpauze misschien wel een vogeltje horen fluiten.

Foto Zuidas: gemeente Amsterdam